Google is een taalpurist

HTML is zeg maar echt zijn ding
Google is een taalpurist

De meeste SEO-ers zijn een beetje technisch en vooral commercieel. De aandacht wordt dan ook grotendeels besteed aan de layout en de content. Tegenvallende zoekresultaten worden gecompenseerd met een advertentie-campagne. Toch laat je als SEO-er heel wat kansen liggen als je er allereerst niet voor zorgt dat de code van je website klopt. Maar weinig mensen weten dit. Google is een taalpurist. HTML is zeg maar echt zijn ding.

Laat de W3C Markup Validator over een willekeurige site heen grazen en je schrikt je het apenzuur. Nu.nl: 195 errors en 107 warnings. Telegraaf.nl: 191 errors en 205 warnings. Als je op school een verslag inlevert met zoveel schrijffouten, dan mag je het gelijk opnieuw doen. Gelukkig zijn er ook de braafste jongetjes van de klas, zoals Tweakers.net: 6 errors en 1 warning. Of Volkskrant.nl: 2 errors en 1 warning.

De meeste programmeurs zijn perfectionistisch. Je wil liever niet van je collega horen dat er wat rammelt aan je syntaxis. En zo hoort het ook; code moet gewoon kloppen. Het internet-marketingmannetje ziet helaas iets minder de noodzaak om de puntjes op de i te zetten. En wat hij laakt aan perfectionisme compenseert hij weer met z’n commerciële talentje: “Een website moet er goed uitzien en niet te duur zijn, anders verkoopt het niet.” En zo hoort het ook; klant is gewoon koning.

Google valt toch meer op het innerlijk. Wat is het toch een gentleman.Toch ligt de waarheid ergens in het midden. Klantjelief wil namelijk maar al te graag dat zijn website het een beetje goed doet in de zoekresultaten. En dan werken al die goede looks van je nieuwe www.paradepaard.je natuurlijk prima voor een goede eerste indruk bij je bezoeker, maar Google valt toch meer op het innerlijk. Wat is het toch een gentleman.

(X)HTML is DOM

Je kan content namelijk SEO-en tot je een ons weegt, maar als Google in je code de weg al kwijtraakt, is dat gewoon zonde. De syntaxis moet gewoon kloppen, van top tot teen. Het begint al bij niet correct afgesloten tags, zoals <br/> en <img /> (maar weer niet bij alle HTML-versies), of onjuist gebruik van <h1>’s en het ontbreken van <p>’s. Andere veelvoorkomende fouten zijn niet toegestane attributen, zoals title=”” in een <img />-tag. Veel erger is het nog als er op het einde van je code nog een </div>-je overblijft – of juist ontbreekt. Op zo’n moment is het als programmeur al een monnikenwerk om handmatig de fout te vinden, laat staan dat een searchbot er nog chocola van weet te maken.

Overigns geeft Google aan geen strafpunten uit te delen voor websites zonder groen vinkje in de W3C Validator. Toch helpt het op orde hebben van de code  in de praktijk echt om zoekmachines beter wegwijs te maken in je website. Wil je goed scoren in de SERP, dan begint dat dus bij de grammatica van je code. Het heeft eigenlijk wel wat weg van een sollicitatieprocedure; brieven die barsten van de spelfouten belanden gelijk in de prullenbak, of in elk geval onderop de stapel.

Er is voor developers overigens nog een reden om de code goed op orde te brengen. Wil je je webpagina namelijk goed kunnen gebruiken als Document Object Model, dan zul je je beoogde boomstructuur ook goed moeten definiëren. Iedere ‘tak’ in je boom is een ‘tag’ in je DOM. En dan is het slim om daar secuur mee om te gaan, tot in de puntjes. Je kan niet van de hak op te tak springen.

Google is meerlandicus

Als de code van je website goed op orde is, dan is de volgende stap de content van je website. Want programmeertaal is niet de enige taal die Google beheerst. De zoekmachine kent ook echte-mensen-talen. Zoals Nederlands, of Swahili. Maakt de zoeker een spelfout? Google doet een goede suggestie. Op verkeerd gespelde woorden hoef je dus niet in te spelen met je content.

Met synoniemen springt Google echter minder goed om – vooral wanneer het niet gaat om Engelse content. Zoek je bijvoorbeeld op ‘vaatwasser’, dan bedoel je natuurlijk ook ‘afwasmachine’, maar dat snapt Google nog niet altijd. In je eigen content zul je dus ook synoniemen moeten gebruiken om de lading te dekken. Bouw je eigen trefwoordclusters op door twee of drie belangrijke synoniemen veelvuldig terug te laten komen. Zorg dus dat je het niet voortdurend hebt over een spijkerbroek; je kan ze ook best een keer jeans noemen. Dat komt tegelijk ook de leesbaarheid ten goede.

Denk allereerst vanuit de zoeker, daarna pas vanuit de bezoeker.Vergeet niet dat tekst belangrijker is dan afbeeldingen voor de vindbaarheid. Want Google kan nog steeds slecht afbeeldingen lezen. Zorg dus allereerst dat je geen belangrijke tekst in afbeeldingen stopt, en als je het al doet, definieer ze dan in elk geval ook in je alt=””-attribuut binnen die <img />-tag. Besef je tegelijk dat die teksten eigenlijk niet gelezen worden door bezoekers als je ze eenmaal gevonden hebben. Over deze interessante paradox – en hoe je daar mee om kunt gaan – kun je meer lezen in het artikel: “SEO begint met goede teksten, maar je bezoekers lezen niet.

Daarnaast is het belangrijk om de teksten van je website goed onder de loep te nemen. Omschrijf je wat je wilt beschrijven met de juiste trefwoorden? Zijn dat trefwoorden waarop je zelf ook zou zoeken? Denk allereerst vanuit de zoeker, daarna pas vanuit de bezoeker. Soms gaat dat met trial and error, op andere momenten is het gewoon logisch nadenken. Meestal kun je de statistieken van je website als uitgangspunt nemen, maar Google heeft ook nog andere handige tools ter beschikking gesteld om de belangrijkste trefwoorden te bepalen: Google Trends en de Google Webmaster Tools.

Over de auteur

Steve Lock

Steve Lock houdt zich bezig met nieuwe media en communicatie in brede zin. In 2012 is Steve betrokken geraakt bij WordPress en internetmarketingbureau Sowmedia.nl, waar hij zich inzet voor de ontwikkeling van WordPress websites, het uitbrengen van communicatieadvies en voor de ontwikkeling van online diensten.

Nog geen reacties.

Geef een reactie